Uitvindingen
Uitvindingen
Eerst in de touwen en dan pas in het water.
Tegenwoordig ligt bij leren zwemmen het accent in de eerste plaats op het spelenderwijs vertrouwd raken met water. Voorheen lag de nadruk vooral op het ontwikkelen van een goede zwemtechniek. In 1828 krijgt Andries Scheerboom bijvoorbeeld een octrooi voor een ‘werktuig geschikt om op ene theoretische wijze de kunst van zwemmen te leeren’.
Het droogzwemapparaat van Scheerboom moet er voor zorgen dat mensen zich in geval van nood beter in veiligheid kunnen brengen of hun hoofd langer boven water houden. Uit de tekening en beschrijving bij het octrooi valt op te maken hoe het apparaat werkt. De leerling hangt in een harnas aan touwen. Om het geheel in evenwicht te houden, zijn er verschillende balansen boven in de constructie aangebracht. Daaraan kunnen gewichten worden gehangen. Naarmate de tijd vordert, worden de gewichten steeds zwaarder.
|
|
Geboren: Datum onbekend Overleden: Datum onbekend De Amsterdamse schipper Andries Scheerboom is een vindingrijk man. Tussen 1820 en 1840 vraagt de uitvinder verschillende octrooien aan voor uitvindingen die met het reddingswezen te maken hebben. In 1820 en 1828 krijgt hij een zilveren erepenning van het Haarlemse genootschap De Hollandsche Maatschappij der Wetenschappen voor de uitvinding van een drijftoestel en de verbetering van een reeds bestaand drijftoestel. Ook het ministerie van Marine is geïnteresseerd in de uitvindingen van Scheerboom. In 1826 worden meerdere uitvindingen in Scheveningen getest. Naast de reddingstoestellen ontwikkelt Scheerboom in 1828 een droogzwemapparaat waarmee mensen beter kunnen leren zwemmen. Tien jaar later doet hij nog een originele uitvinding. Dit maal betreft de uitvinding niet het reddingswezen, maar een soort airconditioningsysteem. In 1840 en 1842 krijgt Scheerboom zijn laatste octrooien, grotendeels voor uitvindingen van reddingsmiddelen. |
|---|
| Andere uitvindingen: | Airconditioning |
|---|
























